zondag 22 november 2015

Leesverslag Hersenschimmen klas 4

Algemene informatie 

Auteur: J. Bernlef
Titel: Hersenschimmen
Uitgave: 44e druk
Jaar uitgave: 2006
Eerste druk: 1984 
Uitgeverij: Em. Querido's uitgeverij BV Amsterdam
Aantal pagina's: 188
Genre: psychologische roman 

Samenvatting 

De 71- of 72-jarige Maarten Klein woont met zijn vrouw Vera in Gloucester, aan de oostkust van de Verenigde Staten, even ten noorden van Boston. In de jaren vijftig zijn ze vanuit Nederland naar Amerika geëmigreerd. Hun twee kinderen, Kitty en Fred, zijn teruggegaan naar Nederland. Maarten werkte tot zijn pensionering bij de Intergovernmental Maritime Consultative Organisation (IMCO), een instituut voor visserijonderzoek in Boston. 
Op een winterse dag kijkt hij uit naar de schoolbus met kinderen die elke morgen bij zijn huis stopt. Hij denkt terug aan zijn vader, die griffier bij de rechtbank was en thuis temperatuurgrafieken bijhield en aantekeningen over het weer maakte. Uit opmerkingen van zijn vrouw wordt duidelijk dat Maarten een beetje verstrooid begint te worden: het is zondag, dus de kinderen hoeven niet naar school. Hij denkt dat het ochtend is, maar het is al middag. Eerder vergat hij al zijn koffie op te drinken en voor Vera hout uit de schuur te halen, hoewel ze hem daar tweemaal om had gevraagd. Hij zoekt de schuld van zijn vermoeidheid en concentratieverlies voorlopig bij de lange witte winter. Maarten piekert over zijn vergeetachtigheid. Er is iets mis, maar hij weet niet precies wat. Hij betrapt zich erop dat hij hardop in zichzelf praat. Woorden die hij alleen gebruikte op zijn werk als hij niets beters wist te zeggen, duiken plotseling op in zijn conversatie met Vera. Zijn gedachten dwalen vaak door associaties af naar gebeurtenissen uit het verleden, vooral uit zijn jeugd, uit de Tweede Wereldoorlog en uit de tijd dat hij op kantoor werkte. Soms roepen de herinneringen handelingen op waarvan hij zich niet bewust is. Als hij terugdenkt aan het mislukte vlechtwerkje dat hij op de kleuterschool van stroken papier maakte, scheurt hij onbewust de krant aan repen. De juffrouw vroeg hem destijds de potloden doos te halen en Maarten gaat hem zoeken, op een plank in het washok, waar hij met een stoel bij klimt. Als Vera hem daar vindt, beseft hij pas wat hij doet. Tijdens een wandeling met de hond Robert verliest hij zich weer in het verleden. In het meisje achter de bar van het café waar hij even uitrust herkent hij zijn eerste vriendin. Daarna komt hij in het antiquariaat waar hij kort daarvoor ‘The Heart of the Matter’ van Graham Greene kocht. Maarten kan zich het boek op dat moment niet herinneren, hoewel hij er thuis af en toe een stukje in leest. Als hij mijmerend verder dwaalt door de stad, vindt Vera hem, ze maakte zich ongerust en is hem met de auto gaan zoeken. De symptomen van Maartens dementie worden duidelijker en heviger. Vera heeft de deur op slot gedaan toen ze even weg moest, maar Maarten breekt hem open om naar een IMCO-vergadering te gaan. Het gereedschap neemt hij mee in zijn aktetas Hij gaat echter niet als vroeger met de trein naar Boston, maar loopt naar een vakantiehuisje, waarvan hij de deur ook forceert. Terwijl hij wacht op de anderen oefent hij zijn betoog, waarin hij zijn twijfel uitspreekt over de zin van de organisatie, die aan de hand van computerprognoses aanbevelingen doet over vangst kwantums. Dan realiseert hij zich de situatie en gaat hij op weg naar huis; hij vergeet echter zijn tas. Vera is in die tijd bij dokter Eardly geweest. Hij heeft haar aangeraden met Maarten foto's te bekijken om de herinneringen te ordenen. Maarten herinnert zich tot in de details het verhaal bij een foto uit zijn jeugd, maar kan andere gebeurtenissen, zoals het bezoek van zijn kinderen uit Nederland drie jaar geleden, niet plaatsen. Later weet hij dat weer en spijt het hem dat hij dat niet eerder wist. Als die dag de deur wordt gerepareerd kan hij zich het niet herinneren dat hij de deur heeft opengebroken. De deur wordt gerepareerd door William. Deze Amerikaanse jongeman komt vaak bij hen over de vloer om klusjes uit te voeren. Hij is best verlegen en stil maar na een paar pilsjes wil hij nogal eens loskomen. William had vroeger een hondje, Kiss, die al een tijdje dood is. Toch vraagt Maarten iedere keer weer als hij William ziet hoe het met Kiss is, wat natuurlijk niet leuk voor William en Vera is. 
Op het tweede bezoek van dokter Eardly reageert Maarten met een redevoering, die imponerend bedoeld is. Daarna realiseert hij zich met machteloosheid, woede en angst dat hij niet meer helemaal meester is over de taal: hij moet zinnen soms eerst vanuit het Nederlands in het Engels vertalen voordat hij ze kan uitspreken en heeft moeite met het benoemen van voorwerpen. Steeds meer vermengt Maartens verleden zich met zijn dagelijks leven. Maarten verwart Vera met zijn moeder en zijn huis met het huis van zijn grootouders. Wat zijn vrouw hem het ene moment vertelt, kan hij direct daarna weer vergeten zijn. Als zij weg is, slaat Maarten een ruit in om de hond binnen te laten. Daarna vergeet hij het gas uit te zetten. Bij het volgende bezoek van de dokter ziet Maarten hem als een tegenstander in een moeilijke onderhandeling. Hij gaat hem verbaal te lijf met een vergaderstrategie van zijn ex-collega Karl Simic. Als de dokter hem een kalmerende injectie wil geven slaat hij hem de spuit uit handen. Op dat moment waant hij zich in de oorlog. Omdat de toestand gevaarlijk wordt, komt de gezinshulp Phil Taylor inwonen om op Maarten te letten. Maarten vergeet steeds wie zij is en waarom ze er is en verwart haar met zijn pianolerares Greet van vroeger waar hij toen verliefd op was en met zijn dochter Kitty. Als hij tweemaal in een nacht door het huis dwaalt geeft Phil hem een injectie. Maarten wordt wakker doordat hij in zijn bed heeft gepoept. Vera en Phil maken de riemen los waarmee hij was vastgebonden en wassen hem in het bad; Maarten krijgt daarbij een erectie. Pas als hij het aanraakt beseft hij vol schaamte dat het zijn geslacht is dat boven water uitkomt. Maarten ontsnapt nog een keer uit het huis en komt na een wandeling door de duinen waarbij hij geen jas aanheeft terecht in het zomerhuisje waar hij eerder zijn aktetas had laten staan. De vuurtorenwachter ziet hem lopen en brengt hem terug naar huis in zijn jeep. Maarten houdt hem voor een Amerikaanse soldaat tijdens de bevrijding. Even later komt dokter Eardly, die Maarten voor een soldaat in burger houdt. Als de dokter hem een kalmerende injectie wil geven denkt hij dat hij wordt verdacht van collaboratie. Als Maarten wakker wordt, maakt hij een vuur in de open haard en verbrandt hij uit het album de foto's waarop hij is afgebeeld. Hij herkent zichzelf niet meer. Vera en Phil binden hem op een stoel vast. Ook hen herkent hij niet meer. Dan wordt hij in een ziekenwagen naar een inrichting gebracht. Dit ervaart hij als iets onvermijdelijks maar raars. Er dringen nog maar flarden van buiten tot Maarten door; zijn wereld is gekrompen tot zijn onsamenhangende, maar soms plotseling heldere gedachten, waarin de taal een belangrijke rol speelt. Het boek eindigt met een mededeling die hij nog wel opvangt, al beseft hij niet dat die van Vera komt: zij vertelt hem dat de lente op het punt staat te beginnen.

Verwachtingen 

Ik had niet veel van het boek verwacht, want het was een last minute deal. Mijn vriendinnen zeiden dat het een kort boek was en aangezien ik niet zoveel tijd had besloot ik dit boek te lezen. Ik had er dus eigenlijk niets van verwacht, gewoon weer zo'n boek dat je voor Nederlands moest lezen. 

Motieven en thema

Het thema van hersenschimmen is: dementie is een slopende ziekte.
Er zijn meerdere motieven in het boek:
-De winter: Maarten heeft een hekel aan dit seizoen, omdat alles vervaagt en op elkaar lijkt, zoals in zijn hoofd.
-De oorlog: Maarten denkt veel terug aan de oorlog. Hier kan hij zich nog veel van herinneren, maar hij haalt op een gegeven moment wel het verleden, de oorlog, en het heden door elkaar. Hij denkt dat hij nu nog steeds in de oorlogstijd leeft.
-Feiten: Hij wil alles kunnen verklaren. Hij wil dingen meten en opslaan, net zoals zijn vader vroeger deed.
-Taal: Taal is belangrijk als je wil communiceren en dingen wil uitleggen. Maar dit gaat steeds moeilijker, omdat hij de woorden niet meer kan vinden, hierdoor gaat hij rare dingen vertellen, die eigenlijk nergens op slaan.

Beoordeling

Schrijfstijl: ik vond de schrijfstijl wel leuk omdat er heel gedetailleerd wordt vertelt hoe Maarten alles beleeft en doet. 
Citaat: Die grafieken, getekend met een hard Faber-potlood op zalmkleurig grafiekpapier, bewaarde hij in een map. (Blz 8)
Inhoud: ik vond de inhoud erg goed omdat je erg meegesleept werd met Maarten en zijn dementie. 
Personages: de personages zijn goed uitgewerkt je kunt duidelijk lezen dat er goed over nagedacht is.
Tijd: het verhaal speelt zich vrij recent af en zou zich nu af kunnen spelen. Bij de flashback's zit de tijd een beetje meer ingewikkeld. Maar over het algemeen is het verhaal goed te volgen.
Ruimte: de ruimtes zijn erg gedetailleerd geschreven, dat vind ik een heel mooi aspect vn de schrijfstijl.
Situaties: de situaties zijn soms verwarrend omdat je op een gegeven moment niet meer precies kan vertellen wat Maarten nu aan het doen is, omdat zijn dementie steeds erger wordt.
Vertelperspectief: het verhaal is vertelt vanuit de ik persoon en het is dus een ik-perspectief. Je leest namelijk mee met de gedachten en gevoelens van Maarten.

Eindoordeel: 


Ik vond het een erg goed boek. De schrijfstijl was mooi en ik heb nog niet zo heel veel boeken gelezen waarbij ik zo erg werd meegesleept als dit boek. Misschien vond ik het boek ook wel goed omdat ik er weinig van had verwacht. 
Citaten: 
Overal wordt geademd... ze zijn allemaal gekomen om hier samen voor het laatst te slapen... 
(Blz. 367) 
Ik slik een paar keer en hoor haar met iemand praten over een kapotte ruit. Ze zegt niet dat ik het heb gedaan en dat waardeer ik in haar (ook al kan ik me niet meer herinneren hoe die ruit kapot is gegaan). (Blz. 182)
Een schrale wind en het uitruisen, zuchten van de zee over het harde gladde strand. (Blz. 105) 

Lijst van gebruikte bronnen

Hersenschimmen J. Bernlef
https://sites.google.com/a/nedcamp.nl/leerlingen/leesdossier/verwerkingsopdrachten/klas-5/6-leesverslag-algemeen
http://www.lezenvoordelijst.nl/zoek-een-boek/nederlands-15-tm-19-jaar/h/hersenschimmen/
http://www.scholieren.com/boekverslag/43247

dinsdag 27 oktober 2015

Leesverslag Erik of het klein insectenboek

1. Algemene informatie

Erik of het klein insectenboek
Godfried Bomans

57e druk 2013 
1e druk 1941

Meulenhoff boekerij bv Amsterdam

143 pagina's
Genres: sprookje, jeugdboek

Samenvatting 

Erik Pinksterblom ligt in zijn bed, maar hij probeert niet in slaap te vallen, omdat hij het gevoel heeft dat er iets bijzonders gaat gebeuren. In gedachten herhaalt hij wat hij die middag geleerd heeft uit ‘Solms’ Beknopte Natuurlijke Historie’, want de volgende dag heeft hij een proefwerk over de insecten. Hij bekijkt het schilderij ‘Wollewei’, waarop een weiland met schapen, een herder en allerlei insecten staan afgebeeld. Erik bedenkt dat het fijn zou zijn om in de wereld van het schilderij te leven; er zijn immers geen verplichtingen. Opeens ziet hij de schilderijen van grootvader en grootmoeder Pinksterblom bewegen. Zijn grootmoeder stapt uit haar lijst en vertelt hem dat alle schilderijen leven, ook ‘Wollewei’. Dan wordt Erik plotseling steeds kleiner, zo klein dat hij in het schilderij kan stappen. Zo komt hij terecht in de wereld van het schilderij, het land Wollewei. 

Hier ontmoet Erik allerlei insecten. Als eerste komt hij in contact met de wespen familie Van Vliesvleugel, een adellijke familie die benadrukt dat het hebben van adellijk bloed belangrijker is dan het hebben van geld (hoewel dat natuurlijk wel handig is). Na een gezamenlijke maaltijd vliegt Erik per hommel naar een hotel, waar hij de nacht kan doorbrengen. De eigenaar van het hotel is een slak en het hotel zelf is het huis van een reuzenslak uit de ijstijd. Erik verbaast de hotelgasten door, zonder dat ze zich voorgesteld hebben, te weten wie ze zijn. Ze zijn allemaal erg benieuwd naar de inhoud van ‘Solms’ Beknopte Natuurlijke Historie’: doen ze het wel zoals het in het boekje staat? Maar al snel zijn de insecten weer slechts geïnteresseerd in zichzelf. Dan ontmoet Erik een vlinder, die erg aardig blijkt te zijn. Hij neemt de vlinder in vertrouwen en deze belooft dat hij Erik zal helpen bij het terugvinden van de lijst van het schilderij. Samen hebben ze een erg plezierige tijd, maar de lijst vinden ze niet. De vlinder verlaat Erik als hij verliefd wordt op een vlindermeisje en kort daarna met haar trouwt. Erik is weer alleen. Hij heeft honger, en hoe havelozer hij eruit ziet, hoe brutaler de insecten zich tegen hem gedragen. Dan ontmoet hij een doodgraver, die hem uitnodigt voor de maaltijd. 
De familie wordt echter opgegeten door een mol en Erik vervolgt zijn zwerftocht weer. Hij ontmoet een regenworm, die zo kronkelt dat hij een onontwarbare knoop in zichzelf legt, en komt in contact met een grote mierenkolonie. Hier wordt hij gastvrij onthaald; de mieren hebben al over hem gehoord en zijn benieuwd naar zijn kennis uit Solms. Erik blijft een tijdje bij de mieren, maar tijdens een feestelijke maaltijd wordt het hem teveel. Hij begint te huilen van heimwee. De mieren beloven hem dan te helpen met het vinden van de lijst. Met z’n allen trekken ze er de volgende dag op uit. Echter, onderweg komen ze een ander mierenleger tegen en er ontstaat een veldslag. Tijdens het gevecht krijgt Erik een straal mierenzuur in zijn ogen…en als hij zijn ogen weer opendoet, zit hij rechtop in zijn bed. Het lijkt een droom te zijn geweest: de schilderijen houden zich roerloos, geen van zijn huisgenoten heeft hem gemist en het proefwerk over insecten heeft hij diezelfde dag. Dit proefwerk maakt hij echter erg slechts, omdat hij dingen opschrijft die niet in Solms staan. Erik hoopt dat hij ooit nog eens terug mag gaan naar de wereld van ‘Wollewei’, maar het wonder gebeurt nooit weer. 

2. Verwachtingen

Voor Nederlands moesten we een boek lezen voor de leeslijst, ik wist eerlijk gezegd niet zo goed welk boek ik moest gaan lezen. Na even door de boekenlijst te hebben gekeken vond ik al snel dat de boeken die erop stonden niet echt mijn smaak waren, ten eerste omdat ik eigenlijk nooit boeken lees van Nederlandse schrijvers en ten tweede omdat de meeste boeken vrij oud waren en soms nog uit de middeleeuwen dateerden. Tot slot vond ik dat de meeste boeken afgezaagd werden beschreven of gewoon niet mijn smaak waren. Toen ik er een nachtje over geslapen had herinnerde ik me de film van Erik of het klein insectenboek van toen ik nog klein was, ook herinnerde ik me dat ik die film best leuk had gevonden. Hierna besloot ik het boek maar te proberen. Kortom een spannend en kort boek.

3. Thema en motieven

Het thema van het verhaal is de onwetenheid en de gierigheid van mensen. Dit onderwerp wordt op luchtige, humoristische wijze vertelt. De insectenwereld wordt vergeleken met de mensenwereld. Duidelijk wordt echter gesteld dat de zo ideaal lijkende insectenwereld toch ook zijn beperkingen heeft en dat men zich niet teveel moet bekommeren om geld (in het boek gesymboliseerd door honing). 

In het boek komen een aantal motieven voor, die direct of indirect te maken hebben met het thema: 

Dromen – Het avontuur in het land van het schilderij Wollewei is voor Erik een droom die uitkomt. Uiteindelijk blijkt het hele avontuur een droom te zijn, wat Erik erg jammer vindt.

Hebzucht – De insecten zijn zeer gesteld op honing, ze zien het verzamelen van honing als zeer belangrijk.

Superioriteit – De insecten praten alleen maar over zichzelf en vinden zichzelf allemaal ontzettend belangrijk.

Beperktheid van het leven – De insectenwereld mag dan wel ideaal lijken, maar het is (volgens de schrijver) belangrijk om steeds de 'lijst', symbool voor de beperktheid van de wereld, in het oog te houden. 

4. Beoordeling

Schrijfstijl: ik vond dat de schrijfstijl leuk was omdat het in 1940 geschreven is en er woorden instaan die ik normaal nooit tegenkom. Citaat: vaart allen wel, houdt altijd de lijst in het oog - en bekommert u niet té zeer om honing... (Blz. 129)

Inhoud: de inhoud viel tegen met wat ik had verwacht, want ik had gehoopt meer verbanden te vinden en ik had ook meer spanning verwacht in tegenstelling daarvan vond ik het boek erg langdradig en vaak doorzichtig. De hoofdpersonage was wel leuk, omdat hij nog erg jong is en een vreemde voor de insecten. Het boek is vrijwel tijdloos dus dat was ook geen onaardige keuze. De situaties vond ik minder goed. Het begin vond ik leuk, maar op het einde wordt het steeds saaier omdat de situaties bijna niet veranderen. Telkens komt hij aan bij een insect uit Solms en wordt een vriend van de dieren. Daarna gaat hij altijd weg omdat hij iemand beledigd heeft of er is weer iets saais gebeurd. Het vertelperspectief vond ik wel leuk omdat je door de ogen van de kleine Erik kijkt. Je leeft met hem mee in het auctoriaal perspectief van een alwetende verteller die het verhaal van Erik vertelt. Dit is goed te zien aan het begin van elk hoofdstuk omdat de verteller het hoofdstuk telkens inleid met een kleine vooruitblik van wat er in het hoofdstuk gaat gebeuren.


5. Eindoordeel

Ik vond het boek minder leuk dan ik verwacht had. Misschien waren mijn verwachtingen te hoog of misschien heb ik het boek gehouden voor iets dat het niet was. Ik vond dat de inhoud langdradig was en saai. Het boek was ook vrij voorspelbaar en er zat vrijwel geen spanning in. De schrijfstijl vond ik wel leuk en de personages vond ik ook wel gaan. Ze waren niet super slecht, maar ook niet echt goed. Het begin van elk hoofdstukje was cursief gedrukt met daarin alles wat er in het hoofdstuk zou gaan gebeuren, dus als je al die stukjes eerst gelezen had, dan had je een soort van mini samenvatting en dan kon je eigenlijk de rest overslaan, want je wist al precies wat er in het volgende hoofdstuk zou gaan gebeuren aan de hand van deze korte inleidingen. Daarom niet echt goed maar ook niet super slecht.



6. Bronnen

https://sites.google.com/a/nedcamp.nl/leerlingen/leesdossier/verwerkingsopdrachten/klas-5/6-leesverslag-algemeen
http://www.scholieren.com/boekverslag/48504
http://www.lezenvoordelijst.nl/zoek-een-boek/nederlands-15-tm-19-jaar/e/erik-of-het-klein-insectenboek/


zondag 6 september 2015

Leesautobiografie klas 4

Toen ik klein was had ik een hekel aan lezen. Veel liever speelde ik buiten of sprak ik af met vrienden en vriendinnen. Bovendien was lezen veel te veel werk, dan keek ik liever tv of zorgde ervoor dat iemand anders het boek voorlas. Als er een boekje werd gelezen was dat meestal een gouden boekje. Mijn lievelingsboekje was hondje eigenwijs. Het ging over een hondje die een heel mooi laarsje had gevonden en mee naar huis had genomen. De volgende dag toen hij thuis kwam was zijn laarsje echter kwijt. Zijn broertjes en zusjes hielpen om het laarsje te zoeken en sleepte de gekste dingen mee naar huis. Uiteindelijk gaf het baasje van het hondje het laarsje terug aan hondje eigenwijs. Ik vond het een mooi boek, want er stonden voornamelijk plaatjes in.  

Ik luisterde vroeger niet zo vaak naar de radio. Ik had mijn eigen cassette bandjes speler en die sleepte ik dan ook de hele dag achter me aan. Ik luisterde veel naar K3, maar mijn lievelings liedjes dat ik altijd meezong was madiwodo van Bontjie Star. 

Kijk eens even op je madiwodo 
En zeg wanneer ben jij nog vrij 
Keek eens even op je madiwodo 
En maak dan een afspraak met mij 

Kun je maandag 
Kun je dinsdag 
Kun je woensdag 
Kun je donderdag 
Kun je vrijdag 
Kun je zaterdag of zondag 
Madiwodovrijzazo 
Ik verlang naar jou toch zo 
Lalalalalalalalalalala 
Lalalalalalalalalalala

Nu snap ik niet meer waarom ik dat liedje ooit heb leuk gevonden. Ik luister nu vooral naar hard rock, alternatieve rock en heavy metal. Met name bands zoals Nirvana, The Foo Fighters, Fall out Boy, Metallica, 3 Doors Down, Rise Against, Bring me the Horizon, Linkin Park en nog meer. 

Op de basisschool lazen onze leraren altijd Mees Kees. Ik vond dat echt saai, want die verhalen hadden we toch allemaal al minstens drie keer gehoord. Het einde was zo voorspelbaar dat als ik de titel hoorde al wist hoe het af zou lopen. 

Ik las zelf graag fictie boeken die heel kort waren. Ik hield niet van lange boeken. Aan het begin van het schooljaar kregen we altijd een klein boekje en een boek dat de leraren voor jou hadden uitgekozen. In het kleine boekje noteerde je welke boeken je had gelezen en of je ze leuk vond of niet. Het boek dat ik altijd had was zo saai dat ik hem stiekem na drie bladzijden alweer terug legde in de kast. Bovendien was mijn leestempo onder het gemiddelde en daardoor kreeg ik een heel laag niveau boek. Zelf zocht ik vaak de boeken uit met een titel en een cover die mij aanspraken of waarvan ik de film had gezien. Dit waren vaak hele dikke fantasie boeken over elven, trollen, weerwolven, magie en vampieren. Deze wereld was toch saai. Ik droomde er vaak van in een andere wereld te leven met magie en dat soort dingen. De personages in het boek en de spanning waren voor mij goede eigenschappen voor een boek.

Toen ik naar het voortgezet onderwijs ging vond ik thrillers en horror verhalen leuk. Ik las dan ook vooral Stephen King en Dean Koonz. Toch veranderde er niet erg veel. Ik vind Fantasie boeken ook nog steeds heel leuk en Fictie is nog steeds het leukste boeken genre. Stephen King en Dean Koonz kunnen dat spannende en die fantasierijke dingen heel goed verwoorden in een mooi en vooral spannend boek. 

Romantische verhalen en waargebeurde verhalen spraken me niet aan. Ik vond dat daar niet genoeg spanning in zitten. Ik heb nog nooit een romantisch boek gelezen, omdat het me saai lijkt en ik heb totaal geen reden om nu ineens wel een romantisch boek te gaan lezen. Bij Waargebeurde verhalen vond ik de schrijvers maar lui en fantasieloos.

Ik hield vroeger van hele dikke boeken, maar nu vind ik boeken met meer dan 200 bladzijden al te veel en dat is dan voor mij een reden om het boek niet te lezen of niet uit te lezen. Ik ben de schrijfstijl van de schrijver gaan waarderen en ik ben meer boeken gaan lezen in het Engels, omdat dat de originele versie vaak beter is dan de vertaalde versie. Verder is er denk ik niet veel veranderd. 

Ik houd van spannende thrillers, fantasie en horror boeken. Fictie spreekt me erg aan. Ik lees nog steeds graag. Ik lees wel minder, omdat ik meer huiswerk heb en omdat ik veel series kijk heb ik nauwelijks meer tijd om een boek te lezen naast mijn andere hobby's. 

Fantasie boeken trekken mij aan omdat boeken voor mij een "escape from reality" is. Even er tussen uit en een moment voor mezelf om andere werelden te bewonderen, met hun mysteriën en de personages die daar wonen. Ik vind het leuk om me in te beelden hoe het zou zijn als ik daar zou wonen, of hoe het zou zijn als ik de hoofdpersoon zou zijn. Ik zou in de bovenbouw graag Fantasie boeken willen lezen.

Ik denk dat niveau 2 of 3 wel passen bij mijn leesstijl. Omdat ik met een boek wil ontspannen en nieuwe werelden wil ontdekken. Ik ben ook geïnteresseerd in wat er gebeurt in de wereld van volwassenen en ik vindt het ook leuk om te weten wat anderen van het boek vinden. Ik denk dat ik eigenlijk precies tussen die twee niveau's in zit.

Ik zie er nu nog een beetje tegenop om te moeten lezen voor de lijst, omdat je niet meer gewoon een random boek meer mag uitkiezen, maar eentje met niveau. Van de meeste boeken van de lijst heb ik nog nooit gehoord. Literatuur lijkt me wel leuk, maar ook wel ingewikkeld.    

zondag 8 februari 2015

Leesverslag stad van glas

Auteur: Cassandra Clare
Naam boek: De kronieken van de onderwereld 3: stad van glas
Jasmijn Mutsaers 3E



 Inhoudsopgave

Inleiding
Hoofdstuk 1: zakelijke gegevens 
Hoofdstuk 2: samenvatting van het verhaal
Hoofdstuk 3: mening
Hoofdstuk 4: verwerkingsopdrachten
Bronvermelding



Inleiding 

Ik heb voor het boek stad van glas gekozen omdat ik de eerste twee delen had gelezen en die vond ik heel leuk dus toen ik een boekverslag moest maken heb ik gelijk dit boek gelezen. In dit verslag ga je lezen waar het verhaal over gaat, waarom ik het een leuk boek vind en je gaat een aantal verwerkingsopdrachten zien. 

Hoofdstuk 1: zakelijke gegevens

Titel: Kronieken van de onderwereld 3: Stad van glas
Oorspronkelijke titel: The Mortal Instruments – City of Glass
Auteur: Cassandra Clare
Aantal bladzijden: 537
Uitgeverij: Margaret K. McElderry Books, New York
Jaar uitgave: 2012 

Hoofdstuk 2: samenvatting van het verhaal

Stad van Glas is het derde deel van de serie: kronieken van de onderwereld. Het verhaal van Jace en Clary gaat verder, de moeder van Clary ligt in een coma. Om haar leven te redden moet Clary naar Idris –  de parallelle wereld van de schaduwjagers – om daar de heksenmeester Ragnor Fell te vinden die het tegengif tegen de vervloeking heeft. Om hem te vinden moet ze naar Idris. Idris uit een betoverde stad: Alicante, met grote pleinen, landhuizen en mensen die te paard rijden in plaats van met auto’s. Over alles ligt een magisch laagje. Daardoor werken veel elektrische apparaten in Idris niet. Als ze net weg willen gaat worden ze plotseling overvallen door een groep van Valentijn's demonen, door de mist worden de schaduwjagers in de van gelokt. Gelukkig kan Magnus Bane, een heksenmeester, snel een poort naar Alicante openen. De schaduwjagers gaan zo snel mogelijk door de poort. Madeleine is helaas door demonen gedoodt. Simon, de vampier, werd op het laatste nippertje gered door Jace. Dat brengt wel wat consequenties met zich mee. Een vampier in de schaduwjagers stad! En dat nu net wanneer er oorlog dreigt. Clary is achter gebleven in New York. Als ze hoort dat de anderen al door de poort zijn en de poort niet meer kan worden geopend is ze radeloos. Ze gebruikt haar talent en maakt zelf een poort met runen. Luke haar stiefvader komt er net optijd achter en gaat mee door de poort. Ze komen uit in het Lynmeer in Idris. Na een paar uur lopen komen ze eindelijk bij Alicante. Daar aangekomen sluipen ze langs de bewaking en gaan naar Luke's zus, Amatis. Luke gaat de volgende ochtend op pad. Amatis zegt dat Clary in huis moet blijven, ze is immers ilegaal in de stad. Clary heeft echter een ander idee. Ze trekt de strijdtenue van Amatis aan en klimt via het raam naar buiten. Ze gaat naar het huis van de Penhallows, waar Jace en de rest van de schaduwjagers uit New York zich bevinden. Wanneer ze op de stoep staat doet Isabelle open. Ze schrikt van Clary en beveelt haar terug te gaan. Clary negeert haar en loopt naar binnen. Op de bank zit een jongen die haar bekent voorkomt, maar ze weet niet waarvan. Hij vertelt haar dat Jace boven is. Wanneer ze de deur van zijn kamer open doet ziet ze hem zoenen met Aline. Ze draait zich om en loopt weg. Sebastiaan, de jongen die op de bank zat loopt met haar mee naar huis. De volgende ochtend staat sebastiaan weer op de stoep en gaan ze samen Ragnor Fell opzoeken. Ze vinden hem niet. In plaats daarvan vinden ze Magnus Bane. Clary sluit een deal met hem. Zij haalt het witte boek (een zeer krachtig boek met betoveringen) en dan geneest hij haar moeder. Samen met Jace gaat ze het boek halen en ze vinden een engel: Ithuriël. Hij laat hen fragmenten over hun moeder en vader zien. De engel heeft jaren gevangen gezeten en pleegt zelfmoord. Met hem stort het huis in. Jace en Clary komen net optijd weg. Dan wordt Alicante aangevallen door een leger van demonen. De schaduwjagers zijn zo verbaasd dat ze niks weten te doen. De waaklijnen die door de demonen torens worden beschermd zijn weg. De weerwolven schieten de schaduwjagers te hulp. Wanneer de demonen wegtrekken worden de lijken op het engelenplein voor de zaal van akkoorden gelegd. Dan verschijnt Valentijn en dreigt de hoofdstad Allicante aan te vallen met zijn demonenleger en zal zijn tegenstanders vermoorden als de leiders de macht niet aan hem overhandigen. Wanneer de Inquisiteur hem tegenspreekt rukt Valentijn zijn hart eruit. Schaduwjagers en benedelingen (vampiers, weerwolven en heksenmeesters) zullen samen moeten werken om hem te kunnen verslaan, maar kunnen ze hun eeuwenlange vijandschap aan de kant schuiven? Clary speelt hierin een belangrijke rol met haar speciale gave  om krachtige runen te creëren, die grote magische effecten hebben. De rune geeft de Schaduwjagers dezelfde krachten als de benedelingen. Jocelyn, Clary's moeder, is net optijd voor de strijd. Luke verzamelt de benedelingen terwijl Jace vertrekt en achter sebastiaan aan gaat. Hij wordt verast door Sebastiaan en vastgebonden. Hij weet Sebastiaan echter te overtuigen tot een eerlijk gevecht. Als Jace bijna dood is komt Isabelle te hulp. Door haar kan hij Sebastiaan verslaan. Daarna gaat hij achter Valentijn aan. Valentijn heeft Clary gevangen genomen. Als Jace Valentijn bedreigt met zijn zwaard vermoordt Valentijn Jace. Clary maakt een verandering in een van de runen die om Valentijn's ritueel staan. Wanneer de engel Raziël herrijst is zij daarom de heerser van het ritueel en niet Valentijn. Dan schrijft ze de woorden: mene, mene, tekel, oefarsin. Valentijn valt dood neer. De engel vraagt naar de gunst van Clary en zij wil maar een ding: Jace. De engel maakt Jace weer levend en verdwijnt dan. De oorlog duurde maar 10 minuten. Daarna vluchtten zij allen weg omdat met Valentijn's dood ook zijn macht vervloog. Daarna is er nog een overwinningsfeest en gaan ze terug naar New York. Het lichaam van Sebastiaan werd echter niet gevonden.

Hoofdstuk 3: mening

Ik vond het een geweldig boek, want het verhaal is heel overtuigend. Zo is het voor de lezer heel duidelijk wat er alleemaal aan de hand is. Er zitten ook veel klif hangers in het boek en dat maakt het een heel spannend boek. Je wilt het boek het liefst in een zucht uitlezen. Ik vond het liefdes verhaal op de achtergrond tussen Jace en Clary ook heel geloofwaardig. 

het boek is ook goed omdat het je mee neemt in het verhaal. Ik kan me hierdoor goed inleven in de hoofdpersonen en de gevoelens van de hoofdpersonen. Dit maakt het boek ook heel interessant en mooi.

Het verhaal is ook heel origineel, omdat er niet zoveel boeken zijn over demonen en gestoorde vaders met kinderen die op zelfmoord missies gaan. Ook staan er citaten in van bekende mensen die een stukje van het verhaal onthullen. Dat vind ik bijzonder want dat heb ik nog niet in heel veel boeken gezien. 

Het verhaal was ook verassend, zo ontdek je bijvoorbeeld dat Clary en Jace geen broer en zus zijn en je ontdekt de herkomst van haar gaven. Ook ontdek je verassende feiten over het leven van Clary, maar ook over dat van Jace.

Het boek maakt je ook nieuwsgierig omdat je wilt weten wat er precies is gebeurt en telkens, langzaam maar zeker ontdek je steeds meer. Dat maakt het boek nog spannender.

Er zitten ook ontroerende stukjes in het boek, bijvoorbeeld wanneer Clary erachter komt dat Jace haar broer niet is en wanneer Max, het broertje van Isabelle sterft. 

Het opvallendste fragment vond ik het fragment waarin de engel Raziël uit het Lynmeer herrijst. 
Ik vond dit het opvallendste fragment omdat de meeste schaduwjagers nog nooit een engel hebben gezien. Het is ook een spannend stukje omdat je niet weet wat er gaat gebeuren, want wanneer Jace Valentijn bedreigt verwacht je niet dat Jace dood gaat en toen dacht ik: neeeee! Niet Jace, niet ook hem. En wanneer Valentijn dood gaat heb je zoiets van yes! Eindelijk. En wanneer Jace weer levend word ben je ook weer blij.  

Fragment: 
'Alles daarna leek voor Clary erg langzaam te gebeuren, alsof de tijd zich uitrekte. Ze zag hoe Valentijn zich op de grond liet zakken en Jace op zijn schoot trok, alsof Jace nog klein was en gemakkelijk vastgehouden kon worden. Hij trok hem dicht naar zich toe en wiegde hem heen en weer. Hij duwde zijn gezicht tegen Jace’ schouder en Clary dacht even dat hij huilde, maar toen hij zijn hoofd weer ophief, waren zijn ogen droog. ‘Mijn zoon,’ fluisterde hij. ‘Mijn jongen.’
De vreselijke vertraging van de tijd strekte zich als een verstikkend touw rond Clary uit. Valentijn hield Jace vast en veegde zijn bloederige haar van zijn voorhoofd. Hij hield Jace vast terwijl hij stierf en het licht uit zijn ogen verdween. Toen legde Valentijn het lichaam van zijn geadopteerde zoon zachtjes op de grond. Hij kruiste Jace’ armen over zijn borstkas, alsof hij de gapende, bloederige wond wilde verbergen. ‘Ave…’ begon hij, alsof hij de laatste woorden over Jace wilde uitspreken, het vaarwel van de schaduwjagers, maar zijn stem sloeg over en hij draaide zich abrupt om en liep terug naar het altaar.
Clary kon zich niet bewegen. Ze kon amper ademen. Ze 'hoorde hoe haar hart klopte en haar adem schraapte in haar droge keel. Vanuit haar ooghoek zag ze hoe Valentijn aan de rand van het meer stond en hoe het bloed van Maellartach in de levensbeker stroomde. Hij zong woorden die ze niet begreep. Ze wilde ze niet eens begrijpen. Het zou allemaal snel afgelopen zijn en ze was bijna blij. Ze vroeg zich af of ze genoeg energie had om zichzelf naar de plek waar Jace lag te slepen. Ze wilde naast hem liggen en wachten tot het allemaal voorbij was. Ze staarde naar hem. Hij lag bewegingloos op het omgewoelde, bloederige zand. Zijn ogen waren gesloten en zijn gezicht was kalm. Als de enorme opening in zijn borstkas er niet geweest was, zou je bijna kunnen denken dat hij sliep.
Maar hij sliep niet. Hij was een schaduwjager en hij was gestorven in de strijd. Hij verdiende een laatste zegening. Ave atque vale.

Blz. 483/484 kronieken van de onderwereld 3: stad van glas.

Hoofdstuk 4: verwerkingsopdrachten 

Korte opdrachten: Opdracht 9
Zoek tien foto's die met het verhaal te maken hebben en beschrijf waarom en welk fragment bij de foto hoort. 
 
Foto 1: dit zijn de runen die in het hele boek telkens weer voorkomen en ze zijn erg belangerijk voor de schaduwjagers. Bijvoorbeeld wannneer Clary de verbintenis rune tekent


Foto 2: zo stel ik me de moeder van Clary, Jocelyn voor zij is een erg belangerijk personage in het boek. Bijvoorbeeld wanneer zij verteld dat Clary en Jace geen broer en zus zijn.


Foto 3: dit is het beeld van de engel Raziël die de levensbeker en het levenszwaard vasthoud. Samen zijn het de levens instrumenten. Hier draait het hele boek om.


Foto 4: hier staat Clary voor een poort. De poort is een belangerijk ding voor de schaduwjagers, het is soms het verschil tussen leven en dood. Bijvoorbeeld wanneer Simon door de poort gered word.


Foto 5: op de foto zie je Sebastiaan. Sebastiaan is het hulpje en de zoon van Valentijn en dus Clary's broer.


Foto 6: op de foto zie je een engel met op de achtergrond een verkoolt zootje. Zo stel ik me voor dat het eruit heeft gezien toen de demonen hun eerste aanval op de stad deden.


Foto 7: dit is hoe ik me Jace voorstel. Bijvoorbeeld toen hij achter Sebastiaan aan ging.

Foto 8: op deze foto zie je de heksenmeester Magnus Bane. Dit past goed bij het overwinningsfeest aan het einde van het boek.


Foto 9: dit is een foto van de schaduwjagers, Clary en Simon. Alle hoofdpersonen uit het boek.


Foto10: dit is Magnus Bane. Zo stel ik me voor hoe hij eruit ziet wanneer je hem ook maar iets wil vragen. Misschien heeft hij wel een punt. Hij is immers 900 jaar oud.


Lange opdrachten: opdracht 1: maak een toets over het boek dat je gelezen hebt.

Lees de vragen noteer waar of niet waar 

1. Jace heeft demonen bloed in zich.
Waar/ niet waar
2. Clary is de dochter van Jocelyn.
waar/ niet waar
3. Jace is de broer van Clary.
Waar/ niet waar
4. Valentijn heeft 3 kinderen.
Waar/ niet waar 
5. Jace is verliefd op Clary.
Waar/ niet waar

Meerkeuze: beantwoord de vragen kies uit A, B of C 

6. Welke kleur haar heeft Clary?
A blond
B bruin
C rood

7. Welk gebouw is afgebrand tijdens de eerste demonen aanval?
A de zaal van akoorden
B het huis van Amatis 
C het hof 

8. Wie doodde Valentijn?
A Jace met behulp van Clary 
B de engel Raziël 
C Jocelyn  

9. Wat is Simon?
A vampier
B weerwolf
C schaduwjager
 
10. Wat betekent ave atque vale?
A hallo en doei 
B gegroet en voorgoed
C heil en vaarwel

Open vragen: schrijf je antwoord beknopt en lees wat er precies gevraagd wordt. Schrijf niet te veel.

11. Wat is het witte boek? 
12. Wie is Sebastiaan?
13. Wat wil Valentijn van Raziël?
14. Hoe kon het dat de waaklijnen rond de stad opeens verdwenen?
15. Wat betekent: mene, mene, tekel, oefarsin?
16. Waarom moest Clary Ragnor Fell vinden?
17. Wat is de stad van glas? 
18. Waar ligt Alicante?
19. Wat zijn de drie levensinstrumenten? 
20. Wat is het hof van Seelie?


Antwoorden

Niet waar
Waar
Niet waar
Niet waar 
Waar
C
C
B
A
C
Een boek met zeer krachtige spreuken.
De broer van Clary en de zoon van Valentijn.
Een gunst waarmee hij alle schaduwjagers wil uitroeien en een nieuw ras creeëren.
Sebastiaan was in de toren geklommen en had zijn demonenbloed op de toren gesmeerd.
Het is een teken aan de wand. God heeft uw koningsschap geteld en er een einde aan gemaakt. U bent gewogen en te licht bevonden.
Om haar moeder te genezen.
Alicante
In Idris
De levensbeker, het lynmeer (de spiegel) en het levenszwaard.
De plek waar de elven wonen.

Bronvermelding: 
Clare C. (2012)
Kronieken van de onderwereld 3: stad van glas 
New York